Hugo Smienk (1964) schrijver van diverse romans en nu werkzaam aan zijn vijfde boek: The Fat Buddha – een Bildungsroman - reist momenteel door India als onderdeel van zijn nu alweer meer dan 15 maanden durende spirituele reis. Gedurende zijn verblijf daar zoekt hij naar die kleine gebeurtenissen die het leven van alledag dat verlichtende momentje geven. Hugo's snelle, beeldende, entertainende schrijfstijl staat garant voor een onderhoudend en vrolijk leesavontuur.
Het tij is gekeerd
De koorts is weg. Joepie! De dagen slijt ik met het opbouwen van een klein routine. 's Ochtends naar de German Bakery. Circa 25 jaar geleden is een Duitse hippie deze koffie- en taartlocatie ergens in Goa begonnen, vandaar de naam German Bakery. Tegenwoordig zie je over heel India gelijkgenaamde koffiezaakjes die min of meer volgens hetzelfde format werken. Enfin, de routine: na de koffie ga ik terug naar mijn kamer en schrijf ik, waarna het tijd is om naar de volgende 'afspraak' te gaan, wat zwemmen in zee kan betekenen of het wegbrengen van wasgoed of iets soortgelijks. Jaja, het lijkt verdraaid veel op werken. De afspraken die ik deze weken doorloop zijn overigens heel belangrijk. Ik ga namelijk naar de tandarts!
De zonovergoten dagen in Goa gaan voorbij zonder dat er iets speciaals lijkt te gebeuren. Iedere dag erger ik me aan de arrogante houding van een groot deel van de lokale bevolking. Zo niet aan de jongens uit Nepal, waaronder de mannen die het succesvolle koffieshopje beheren. Tjonge, wat zijn dat toch een heerlijke en lieve mensen. Altijd een verrukkelijke lach en als ik die zie, denk ik: nog even Hugo en dan lach ook jij zo stralend... Maar daarover schrijf ik de volgende keer.
Zoals vaak - als ik mijn situatie dieper ga beschouwen - komt er een gevoel van doelloosheid, verdriet en eenzaamheid over me heen. Ik ben op mijn reis geslingerd door een verscheurd hart, wat geresulteerd heeft in een speurtocht naar het hervinden van mezelf. Een speurtocht die ervoor gezorgd heeft dat ik die ervaringen nu gebruik voor mijn volgende boek: The Fat Buddha!
Ik overpeins alle gebeurtenissen van mijn lange reis. Laat ze chronologisch de revue passeren en net nu ik alles weer eens op een rijtje zet (Wie ben ik? Waar ga ik heen? Word ik ooit weer gelukkig?) komt Patty op mijn pad. Zij is één van de Poolse schonen die ik eerder had ontmoet in de trein (lees mijn eerdere columns maar eens terug). Het begon allemaal tijdens een toevallige ontmoeting die uitmondde in een gezellig samenzijn bij de vier vrouwen op een van hun kamers, waarbij de wodkafles al snel op tafel stond. Ze schijnen niet zonder te kunnen daar in Polen. Nu drink ik soms wel eens een biertje of een glaasje wijn, van sterk blijf ik meestal af. Als we op het balkon zitten, verdwijnt de herrie van het verkeer en de lawaaiige Indiërs al snel naar de achtergrond. Volgens de andere gasten vermaken wij ons die avond veel te luid. Hmm, denk ik, luisteren die gasten weleens naar de 'gewone' herrie van iedere dag?
Na een paar glaasjes merk ik half beschonken op dat de overige drie dames zich discreet hebben teruggetrokken. Als ik opkijk zie ik Patty lief lachen. Mijn hoofd draait een beetje van de drank. Ik lach terug...
Een weekje later zijn de Poolse dames vertrokken richting Hampi, een heilige plaats op een uurtje of acht met de trein hiervandaan, en ondanks dat ik me de volgende ochtend nippend aan een kopje koffie realiseer dat ik niet eens een adres van Patty heb, laat staan haar achternaam weet, besef ik dat mijn ervaringen van de laatste dagen een keerpunt in mijn bestaan zijn. Het tij lijkt gekeerd. Maar of het mijn hart vervult met bliss? Blijf lezen en wie weet kom je erachter.
Big kiss,
Hugo







